FacebookTwitterFeed


Nieuws van de SKBN

Plaagdieren op kinderboerderijen: een inventariserend onderzoek

 

Plaagdieren op kinderboerderijen: een inventariserend onderzoek
Thom P.C. Geertsema, Sophie M. Versteegen, Sara A. Burt*

Institute for Risk Assessment Sciences, Faculteit Diergeneeskunde, Universiteit Utrecht, Postbus 80.178, 3508 TD  Utrecht

*Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

Nederland telt ongeveer 500 kinderboerderijen en dierenweides. Omdat de omstandigheden op deze bedrijven aantrekkelijk zijn voor de gehouden dieren, kunnen ook ongewenste dieren worden aangetrokken, z.g. plaagdieren. Deze plaagdieren kunnen ziektekiemen bij zich dragen en verspreiden op de kinderboerderij. Ook kunnen ze schade aanrichten, zoals knaagwerk en gebouwen ondergraven. In april 2016 werd een telefonische enquête over de aanwezigheid en de bestrijding van plaagdieren uitgevoerd onder kinderboerderijen die lid zijn van de Vereniging Samenwerkende KinderBoerderijen Nederland (vSKBN).

De enquête werd uitgevoerd in het kader van een project in de Masteropleiding Diergeneeskunde in het vak Veterinaire Volksgezondheid. Het doel van de enquête was om informatie te verzamelen over welke soorten dieren als plaag worden ervaren en welke maatregelen worden ingezet om plagen te voorkomen of beheersen. Ook werd nagegaan of de kinderboerderijen vonden dat ze voldoende informatie over dit thema tot hun beschikking hadden.

De kinderboerderijen deden anoniem mee aan de enquête. De contactgegevens van de kinderboerderijen zijn verkregen vanuit de database van vSKBN en de gesprekken werden gevoerd in april 2016. Van een aantal kinderboerderijen was geen geldige telefoonnummer (meer) beschikbaar of er werd niet opgenomen. Een aantal boerderijen bedankte voor deelname aan de enquête. In totaal werden 62 kinderboerderijen gecontacteerd en 38 (61%) ervan stemden in om mee te doen aan de enquête. Dit aantal is ongeveer 8% van het totaal aantal kinderboerderijen in Nederland. Degene die namens de kinderboerderij de enquêteur te woord stond, was meestal de beheerder en soms een vrijwilliger. De geënquêteerde boerderijen zijn willekeurig gekozen en verspreid door het land.

Welke plaagdieren worden gemeld op kinderboerderijen?

Van de 38 boerderijen die aan de enquête meededen, vermeldden twee dat ze geen overlast hadden van dierplagen. De andere kinderboerderijen vermeldden van verschillende categorieën plaagdieren overlast te hebben. In Figuur 1 worden deze gegevens gepresenteerd, uitgedrukt als het percentage kinderboerderijen die deze dieren als plaag meldde.


Figuur 1

Vliegen werden in het algemeen niet als een plaag ervaren – de werknemers vonden dat die eenmaal bij een boerderij horen. Kruipende insecten werden maar drie keer genoemd; na doorvragen bleek dat in alle drie gevallen bloedluis werd bedoeld (in feite geen insect maar een van de arachnida, familie van de teek en spin). Overige plaagdieren die werden vermeld zijn: mol (1), marter (1), kauwen (5), roofvogels (1), vogels in het algemeen (3). Alle meldingen van overlast door kauwen waren afkomstig van kinderboerderijen gelegen in woonwijken. Eén kinderboerderij meldde overlast van huiskatten uit de omgeving.

Preventieve maatregelen en bestrijding

Als antwoord op de vraag ‘Welke preventieve maatregelen worden genomen tegen plaagdieren?’ gaf een meerderheid van de respondenten aan dat het dagelijks opruimen van voederresten en het opslaan van de voeders in silo’s of goed afsluitbare containers belangrijk zijn. Dit zijn twee van de punten die in paragraaf 2.10 van het Handboek Keurmerk Kinderboerderijen worden aangegeven in verband met preventie- en bestrijdingsmaatregelen tegen dierplagen. De overige drie preventieve punten die zijn genoemd in het handboek (het opruimen van afval, gebouwen vrij van gaten en kieren, schone stallen) werden niet spontaan vermeld door respondenten.

Opvallend was dat 17 (45%) van de geënquêteerde kinderboerderijen een of meerdere katten aanhielden als een preventieve of bestrijdingsmaatregel tegen knaagdieren, hoewel er vraagtekens gezet kunnen worden bij de effectiviteit hiervan. Katten vangen meestal de makkelijke (meestal jongste) prooidieren en laten de volwassen knaagdieren, die aan voortplanting doen, meer met rust. Bovendien kunnen de uitwerpselen van katten vliegen aantrekken. Het feit dat katten als weringsmiddel worden gezien, staat lijnrecht tegenover een van de boerderijen die juist rondstruinende lokale huiskatten als een bron van overlast ervaart. Eén kinderboerderij meldde dat ze ter plekke de juiste condities voor het nestelen van boerenzwaluwen creëerden, zodat die vogels als een biologisch strijdmiddel tegen vliegen kunnen fungeren.

Respondenten vermeldden wie verantwoordelijk was voor de uitvoering van de werings- en bestrijdingsactiviteiten op de boerderij. De resultaten worden gepresenteerd in Figuur 2. In sommige plaatsen werden deze werkzaamheden verzorgd door de gemeente, bijv. in Amsterdam door de GGD. Ruim een derde van de boerderijen in deze enquête gaf aan een plaagdierbestrijdingsbedrijf in te schakelen. Op hetzelfde aantal boerderijen werden de werkzaamheden door een eigen medewerker uitgevoerd.


Figuur 2

Informatievoorziening over beheersen van plagen

Een meerderheid van de kinderboerderijen gaf aan geen moeite te hebben om aan voldoende informatie te komen over dierplaagpreventie en -bestrijding. Drie kinderboerderijen zeiden dat ze graag meer informatie wilden hebben om dierplagen effectief te kunnen bestrijden. Vier kinderboerdijen meldden dat ze hun dierenarts beschouwden als potentiële bron van informatie over dierplagen.

Conclusie

Bijna alle kinderboerderijen doen aan wering en bestrijding van plaagdieren. Overlast van knaagdieren (vooral muizen) en vliegen werden het vaakst genoemd. De bestrijding gebeurt in ruim de helft van de gevallen door vakspecialisten en voor ruim een derde door de medewerkers zelf. De informatievoorziening over plaagdieren wordt in het algemeen als toereikend ervaren.

Bibliografie

Code voor hygiëne op kinderboerderijen in Nederland, 2004.

Handboek keurmerk kinderboerderijen, vSKBN, versie 2015.

www.kinderboerderijen.nl, bezocht op 29 februari 2016.

 

© 2017 - Vereniging Samenwerkende Kinderboerderijen Nederland
Brancheorganisatie voor kinderboerderijen